Dichtregels op Rotterdamse vuilniswagens nu Nederlands erfgoed
Ooit was er de wens om de poëzie van het jaarlijkse Poetry International Festival ook na afloop in Rotterdam te laten voortleven. Dichters uit de hele wereld kwamen naar de stad, maar als zij weer vertrokken, bleef er weinig van hun werk achter in het straatbeeld. Op initiatief van Hans Abelman en met steun van toenmalig Poetry-directeur Martin Mooij en Roteb-directeur Huub Kros verschenen in 1988 de eerste dichtregels op vuilniswagens. De dichtregels zijn nu uitgeroepen tot Nederlands Immaterieel Erfgoed.
Het proces is simpel: de stadsreinigingsdienst van de Gemeente Rotterdam geeft een seintje als er nieuwe vuilniswagens en veegmachines aankomen en vervolgens gaat Poetry International aan de slag met het selecteren van mooie dichtregels. In de loop der jaren zijn er al honderden regels verschenen op de vuilniswagens, van lokale tot nationale en zelfs internationale dichters. Met dit jaar een primeur: dit jaar verscheen de eerste dichtregel in Nederlandse Gebarentaal op een vuilniswagen.
Stadsdichter Jules Deelder kreeg in 1988 de eer om een dichtregel te schrijven waar het project ook zijn naam aan ontleent: "Het gedicht is een bericht". Dit is dan ook de enige dichtregel die nog steeds jaarlijks terugkeert op een van de vuilniswagens.
Directeur van Poetry International, Diana Chin-A-Fat: "Wat ik persoonlijk zo fantastisch vind aan Het gedicht is een bericht; het is geen luidruchtig statement, maar een stille, consistente aanwezigheid van poëzie in de stad. De dichtregels nodigen uit tot kijken, lezen en denken en weten juist daardoor je aandacht te vangen. Bovendien maken we met het project zichtbaar wat ons als organisatie altijd zal blijven drijven: de liefde voor poëzie."
Die liefde voor poëzie deelt ook Joan Nunnely, de Rotterdamse wethouder van Cultuur, Evenementen, Samenleven en Taal: "Je staat te wachten tot de vuilniswagen voorbij is en leest een zin die je de rest van de dag bijblijft. Dat vind ik de kracht van dit project: poëzie gewoon op straat. Onze reinigingsmedewerkers en Poetry International houden deze bijzondere traditie al bijna veertig jaar levend. Deze erkenning is ook een compliment aan hen."
Manager Inzameling Thomas van Brakel is blij met de poëzie op zijn vuilniswagens: "Omdat wat vuilnis is voor de één, kunst is voor de ander. En omdat dichten schoonheid is, en wij proberen schoonheid te brengen naar Rotterdam. We maken de stad schoon en voegen ook nog schoonheid toe." Vuilniswagenschauffeur en dichter Paul Keijzer sluit zich daarbij aan: "We leven in een drukke wereld en als je dan een beetje poëzie leest, kom je tot rust." En nu de dichtregels op de vuilniswagens zijn opgenomen in de inventaris van het Nederlands Immaterieel Erfgoed, blijf je ook de komende jaren poëzie tegenkomen in de Rotterdamse straten.
De status van een dichter wordt in Rotterdam inmiddels afgewogen aan de hand van de regels op de vuilniswagens: "Mijn buurman is stadsdichter geweest. Maar ik moet toegeven dat voor mij zijn status als dichter pas definitief werd vastgesteld toen ik een van zijn gedichten op een vuilniswagen voorbij zag rijden", vertelt Rotterdammer Jaap Kes.
Die eer is ook weggelegd voor de Rotterdamse dichter Derek Otte: 'Van stenen gaat een stad de hoogte in, de mensen geven diepte’
Bij de bekendmaking van het nieuws dat de dichtregels Nederlands Erfgoed zijn, werd een gedicht van Bianca Boer onthuld:
de dag komt net tevoorschijn
hallo daar wolkeloze hemel’
Directeur van Poetry International Diana Chin-A-Fat, dichter Bianca Boer, wethouder Cultuur Joan Nunnely, Thomas van Brakel, manager Inzameling en Niels Bruinsel, vuilniswagenchauffeur. Fotografie: Rhalda Jansen
Meer nieuwtjes lezen?
Lees nog meer tips, achtergrondverhalen en nieuws over Rotterdam.